» weblog

verloren zaken
2 reacties - 12-02/2012

In 2009 bezocht ik het laatst haar graf. Toen lag er, net als nu, een dikke laag sneeuw en ook toen had ik moeite de juiste locatie te vinden. Toen grapte ik nog dat Astrid bij dood al net zo moeilijk te vinden was als bij leven, hoe ze na haar dood de neiging zich te verbergen kennelijk ook posthuum nog wenste voort te zetten. Maar nu, anno 2012, is het graf gewoon geruimd en zoek ik me enkel het ongans omdat ik weiger me te herinneren dat er maar voor vijf jaar grafrecht is betaald.

Nee mijnheer. Dat graf is vorig jaar geruimd. Bent u familie? U bent volgens mij de eerste die er naar vraagt. Haar zoon, soms?

Zwijgend draai ik me om en loop naar buiten. Hij komt me na en zegt: We hadden geen contactadres , dus we konden niemand verwittigen en de ruimte is schaars, zoals u weet, niet alleen bij de levenden.

Ik knikte zo vriendelijk mogelijk ten afscheid en liep weg, me verwonderend over woorden als verwittigen en andere verloren zaken.

Vandaag even niet.
1 reactie - 09-12/2011

Mijnheer, mijnheer, u wordt geroepen, zei het jochie dat achter me aan was komen rennen.

Huh? Door wie dan? vroeg ik en keek om in de richting waarnaar de hand zich uitstrekte.

Een keurig verzorgd uiterlijk. Groomed, zoals de Engelsen dat zo mooi uitdrukken. Driedelig pak, zwart, strak getailleerd, een dubbele Windsor-knoop in de das, een smetteloos wit overhemd. De schoenen glimden, evenals de knop van de wandelstok waarop de man zijn linkerhelft steunde. En dat alles bewoog zich op mij af, toch nog, met een pas die niets dan vastberadenheid uit leek te willen drukken. Dertig meter achter mij, en het jongetje was alweer halverwege de vreemdeling en mijzelf. De man haalde iets uit zijn jaszak, stak zijn hand uit en met een achteloze beweging griste de jongen het bankbiljet in het voorbijgaan mee. Even later hield de man halt en stak opnieuw zijn hand uit.

Ik noemde mijn naam.

Doperwten, met stroop maar zonder rozijnen, graag.

Niet begrijpend keek ik de man aan. Hadden we een deal gesloten? Was het een vraag? Of stelde hij zich misschien voor? Nog voor ik het hem kon vragen draaide hij zich om en liep weg, strak langs de stoeprand en verdween om de hoek, in de richting waar hij vandaan was gekomen.

Er zijn dagen dat ik, een stoethaspel, best iets van de wereld denk te snappen. Maar vandaag dus even niet.

Winnifred Clifton
2 reacties - 21-08/2011

Het duurde een volle minuut, voor het tot Clifton doordrong dat de verpleegster die hij zojuist om toestemming gevraagd had de zaal te betreden waarop zijn vrouw werd verzorgd, nee antwoorde.

Nee? Ze is mijn vrouw!

Mijnheer Clifton, er zijn bezoekuren waaraan iedere patiënt en bezoeker gehouden wordt, dus ook u en uw vrouw. De regels gelden voor iedereen.

Wie bent u eigenlijk?

Mijn naam is Frayton, sprak de zuster, en toonde haar naamkaartje, dat onder een witte overjas verborgen was geweest.

Mevrouw Frayton, ik heb vast gestaan in de file, onderweg naar mijn vrouw. Ik moet mijn vrouw zien! Het enige dat ik weet is dat ze betrokken was bij een ongeluk en hier ergens ligt. Clifton zette in op emotie en keek de verpleegster na deze woorden zwijgend in de ogen.

Ze aarzelde, bracht haar handen omhoog vanuit haar zij en zei toen: Akkoord, maar niet langer dan tien minuten, en als ze al slaapt gaat u meteen weg en dan komt u maar terug wanneer het bezoekuur is.

Mevrouw Frayton, u heeft een goed hart, sprak Clifton, knikte en liep toe op de gang die naar de zalen leidde. De zuster vroeg nog of hij een zaalnummer nodig had, maar hij reageerde niet en verdween om de hoek.

Als de verpleegster alerter zou zijn geweest en ze had Clifton gevolgd, dan had ze kunnen zien dat hij dat zaalnummer niet nodig had en met vaste tred op de juiste deur afliep. Ze zou hem een pistool met geluidsdemper uit zijn zak hebben zien halen, de zaal zien binnentreden om er binnen een minuut weer vandaan te komen en via een nooduitgang aan de andere kant van de gang het ziekenhuis te verlaten.

Maar zuster Frayton was niet alert en bedacht pas na twintig minuten dat het tijd werd eens te gaan kijken. Tweeëntwintig minuten nadat ze werd doodgeschoten, werd Winnifred Clifton gevonden met drie kogels in haar borst en een in haar hoofd.

Mijnheer Clifton was spoorloos.