» weblog

Vandaag even niet.
1 reactie - 09-12/2011

Mijnheer, mijnheer, u wordt geroepen, zei het jochie dat achter me aan was komen rennen.

Huh? Door wie dan? vroeg ik en keek om in de richting waarnaar de hand zich uitstrekte.

Een keurig verzorgd uiterlijk. Groomed, zoals de Engelsen dat zo mooi uitdrukken. Driedelig pak, zwart, strak getailleerd, een dubbele Windsor-knoop in de das, een smetteloos wit overhemd. De schoenen glimden, evenals de knop van de wandelstok waarop de man zijn linkerhelft steunde. En dat alles bewoog zich op mij af, toch nog, met een pas die niets dan vastberadenheid uit leek te willen drukken. Dertig meter achter mij, en het jongetje was alweer halverwege de vreemdeling en mijzelf. De man haalde iets uit zijn jaszak, stak zijn hand uit en met een achteloze beweging griste de jongen het bankbiljet in het voorbijgaan mee. Even later hield de man halt en stak opnieuw zijn hand uit.

Ik noemde mijn naam.

Doperwten, met stroop maar zonder rozijnen, graag.

Niet begrijpend keek ik de man aan. Hadden we een deal gesloten? Was het een vraag? Of stelde hij zich misschien voor? Nog voor ik het hem kon vragen draaide hij zich om en liep weg, strak langs de stoeprand en verdween om de hoek, in de richting waar hij vandaan was gekomen.

Er zijn dagen dat ik, een stoethaspel, best iets van de wereld denk te snappen. Maar vandaag dus even niet.

Winnifred Clifton
2 reacties - 21-08/2011

Het duurde een volle minuut, voor het tot Clifton doordrong dat de verpleegster die hij zojuist om toestemming gevraagd had de zaal te betreden waarop zijn vrouw werd verzorgd, nee antwoorde.

Nee? Ze is mijn vrouw!

Mijnheer Clifton, er zijn bezoekuren waaraan iedere patiënt en bezoeker gehouden wordt, dus ook u en uw vrouw. De regels gelden voor iedereen.

Wie bent u eigenlijk?

Mijn naam is Frayton, sprak de zuster, en toonde haar naamkaartje, dat onder een witte overjas verborgen was geweest.

Mevrouw Frayton, ik heb vast gestaan in de file, onderweg naar mijn vrouw. Ik moet mijn vrouw zien! Het enige dat ik weet is dat ze betrokken was bij een ongeluk en hier ergens ligt. Clifton zette in op emotie en keek de verpleegster na deze woorden zwijgend in de ogen.

Ze aarzelde, bracht haar handen omhoog vanuit haar zij en zei toen: Akkoord, maar niet langer dan tien minuten, en als ze al slaapt gaat u meteen weg en dan komt u maar terug wanneer het bezoekuur is.

Mevrouw Frayton, u heeft een goed hart, sprak Clifton, knikte en liep toe op de gang die naar de zalen leidde. De zuster vroeg nog of hij een zaalnummer nodig had, maar hij reageerde niet en verdween om de hoek.

Als de verpleegster alerter zou zijn geweest en ze had Clifton gevolgd, dan had ze kunnen zien dat hij dat zaalnummer niet nodig had en met vaste tred op de juiste deur afliep. Ze zou hem een pistool met geluidsdemper uit zijn zak hebben zien halen, de zaal zien binnentreden om er binnen een minuut weer vandaan te komen en via een nooduitgang aan de andere kant van de gang het ziekenhuis te verlaten.

Maar zuster Frayton was niet alert en bedacht pas na twintig minuten dat het tijd werd eens te gaan kijken. Tweeëntwintig minuten nadat ze werd doodgeschoten, werd Winnifred Clifton gevonden met drie kogels in haar borst en een in haar hoofd.

Mijnheer Clifton was spoorloos.

vanzelfsprekendheid
19 reacties - 10-08/2011

Ik geloof niet in pacifisme. En evenmin aan de onvoorwaardelijke liefde, waarvan een goed christen van het Leger des Heils mij laatst heeft proberen te overtuigen.

Vooropgesteld: Zijn papieren waren goed. De man in kwestie is een toonbeeld van opofferingsgezindheid, zeurt niet over zijn god en alle handelingen die ik hem heb zien uitvoeren waren boven iedere mogelijke twijfel verheven. En toch kon ik er weinig mee, met die onvoorwaardelijke liefde van hem.

Hij moest daar dan wel weer om lachen. Op vertrouwelijke toon vertelde hij me dat tegen de tijd dat hijzelf zover was dat hij die onvoorwaardelijke liefde niet alleen als een intellectueel concept zou zien, maar kon voelen en uitvoeren, hij zich zo goed als een gelijke van zijn god zou beschouwen. Ik zal sterven zonder precies te weten wat dat begrip inhoudt, maar het gaat mij erom ernaar te streven dat te bereiken, besloot hij.

Ik zweeg. En niet alleen uit beleefdheid maar toch zeker ook uit waardering. Ondertussen dacht ik na over een eigen probleem en streven dat al jaren dan wel niet de mist ingaat maar toch bepaald niet zover tot een oplossing komt dat ik kan zeggen goed bezig te zijn.

Ik heb met enige regelmaat last van wraakgevoelens. Niet een beetje maar de rauwe, ruwe en bloederige wraak die je in je slaap doet wakker schrikken. Die gevoelens heb ik volgens mij, omdat ik ooit erg veel van de persoon gehouden heb op wie die wraakgevoelens betrekking hebben. En ik voelde mij benadeeld, herstel, ik bèn benadeeld door de vrouw in kwestie.

Toen dat juist gebeurd was, dat benadelen, had ik vrijwel iedere nacht een droom waarin ik op de gruwelijkst denkbare wijze wraak nam op deze vrouw. De paar mensen met wie ik erover van gedachten wisselde spraken vrijwel zonder uitzondering woorden die de wraak afkeurden, als iets slechts.

Daarover verwonderde ik mij dan weer.

Hoe kun je dan oprecht van iemand gehouden hebben? zo vroeg ik mij dan af. Ik bedoel, er zijn mensen voor wie je je leven zou geven. Als die je belazeren, zou je dan geen wraakgevoelens ten aanzien van die mensen mogen koesteren? Als het belangrijkste wat je had een doelbewuste leugen en fabricaat ten behoeve van eigenbelang bleek te zijn, hoe kun je iemand daar dan zo mee weg laten lopen?

Ik heb me geregeld juist minder een man gevoeld omdat ik haar niet dood gemaakt heb. Soms mis ik de zigeuner in mij.

En toch. En toch.

Toen ik uiteindelijk het spreken met de christen hervatte hield ik hem voor dat volgens Spinoza god in alles is en dat, welbeschouwd, zijn streven naar onvoorwaardelijke liefde reeds een goddelijk streven genoemd mag worden. Ik vroeg hem dan ook naar de wrekende god. De kleine god die op zijn teentjes getrapt besluit om hele steden in as te leggen, domweg omdat iemand in die stad de euvele moed gehad heeft tegen deze god in opstand te komen. En ook mijn christen sloot zich aan bij de vrienden die mij van raad hadden voorzien: Wraak is niet alleen een slechte raadgever, zij leidt ook daadwerkelijk tot het slechte, tot het kwaad.

Enkel de man die ik tot mijn beste vrienden reken, uit het Groningse G., was bereid een ander standpunt in te nemen. Wie oprecht van een ander gehouden heeft, of dat nou uit opofferingsgezindheid blijken moet of uit iets anders, maar wie dus met hart en ziel aan iemand toegewijd is geweest, ja, die heeft recht op wraak.

En hard als deze vriend is, besloot hij met de constatering dat ik dus geen recht had op wraak want dat ik deze vrouw teveel als iets vanzelfsprekends had beschouwd.

recent geluisterd

elbicho
Entiendo
elbicho
Letras (Directo)
elbicho
Entiendo
elbicho
Bulería del Día
elbicho
Locura
elbicho
Pa'Ti
elbicho
De los malos
elbicho
Entiendo
elbicho
Bulería del Día
elbicho
Locura